De agent.

Op een borrel sprak een zekere JR me aan. JR is een agent. Dat is iemand die in Nederland filmland vulpentillers aan filmproducenten voorstelt en andersom. Geheel belangeloos is het niet; voor iedere deal rekent ze tien procent. In LA de gewoonste zaak van de wereld, essentieel zelfs, maar hier wat minder in schwung, zo’n agent. Des te sexier natuurlijk, dat deze mevrouw mij daarna  mailde en me wilde vertegenwoordigen. Het werd een grote deceptie…

Enigszins hijgerig reisde ik vorige week dus af naar Amsterdam, cafe Wildschut, om haar aan mezelf te koppelen. Tuurlijk, dat ze een kwartier te laat was, kan gebeuren. En nee,  dat ze daar niet  even over belde was ook niet erg- ze stond immers in de file. Dan moet je ook maar toevallig een handsfreething bij de hand hebben. Dus toen ze alsnog binnen wandelde, was er nog niks aan de hand.
JR maakte echter een vermoeide indruk. Dikke make up om haar gerimpelde ogen. Och arme, was hetgeen de schrijver in mij dacht bij het aanschouwen van haar aangezicht, jij hebt het vast zwaar. Nu ben ik niet op mijn mondje gevallen. Wellicht net een keer te weinig zelfs. Dus dan is de eerste vraag die ik me achter mijn gave gebit stel: “Wat ga jij voor mij betekenen?”  Leek me een logisch begin van haar pitch naar mij. Van mij had ze immers al een en ander gelezen. Maar het antwoord op die vraag kwam niet.

Hm. Ok, dan gaat ze dat  vast na deze opmerking over hoe ze is begonnen als agent vertellen. Oh. Natuurlijk begint ze daarna eerst over de One Night Stand, de filmwedstrijd voor scripts van 40 minuten. Ja, daar had ik al vaak over gehoord en nee, daar ga ik nu niet aan meedoen. Geen tijd, helaas… Ik bestel ondertussen twee kopjes thee.
“Wie vertegenwoordig je eigenlijk?”, vraag ik. “Oh, ….. van dat NPS kortje”  “Ja, die ken ik wel”. (Note to self: even checken bij die schrijfster) “Ja, vaak vertegenwoordig ik ook mensen die zichzelf niet zo goed durven te vertegenwoordigen, of onderhandel ik voor ze als ze dat niet zelf durven.” “Ok, wat leuk! En  waar ben je meer tijd aan kwijt: met bij producenten je schrijvers aanraden, of schrijvers bijstaan in onderhandelingen als ze zelf werk gevonden hebben ?”
Een lange stilte. Dan: “Ja, toch wel dat laatste.” Goed. We vragen door. “Je werkt ook met tien procent?” “Ja, maar ehm”, kwam er stamelend uit, “Als je door mij vertegenwoordigd wilt worden, reken ik wel een jaarlijks inschrijfgeld van tweehonderd euro.”

Alastair Campbell, ex spin doctor van Tony Blair scheen vroeger als hij pissig was in een meegesmokkeld speelgoedje te knijpen om zijn woede te verbergen. Ondergetekende had na die opmerking de stoelpoot in een krakende houdgreep. Extreem kalm vertel ik haar dat ik niet van haar diensten gebruik zal maken. Het verbaast haar niet eens. Toch licht ik het toe.

“Ik vind dat je mij zou moeten vertegenwoordigen omdat je gelooft in wat ik schrijf, niet omdat ik je 200 euro betaal”, zeg ik. “Dat voelt namelijk alsof ik te lelijk ben voor een modellenbureau, maar goed genoeg ben om bij een castingbureau 350 euro te betalen voor een fotoshoot. Thanks, but no thanks.”

Ze snapt het, zucht ze. Beleefd bedank ik haar voor haar tijd, ik (!)  betaal voor onze thee en, na het ontvangen van haar visitekaartje (waarom in Godsnaam?), vertrek ik naar de tram. Ik kijk terug, door de miezer regen, en zie haar met haar somber hangende oogleden zitten. Ik heb medelijden.

In de tram pak ik haar visitekaartje er bij. Het kaartje is groenig en heeft Mondriaan vlakken. Wat heeft dat nou weer met managing talent te maken? Dan draai ik het kaartje om. “Bestel nu ook gratis uw visitekaartjes op vistaprint.nl.”

Terwijl de tram in beweging komt, leg ik voorzichtig haar visitekaartje in het midden van de lege zitplaats tegenover me. Het zou immers zonde zijn als dat kaartje slechts één keer gebruikt is geweest. Arme JR.

Leave A Comment