Vijf tips voor filmmakers: wanneer ga je NIET naar een producent?

Ik zit nu een kleine week bij Eyeworks achter een bureau met een vulpen in mijn hand en een stapel scripts voor mijn neus. Een griezelig grote stapel, mag ik wel zeggen. Treatments voor filmscripts of voor televisieseries en scripts voor, you guessed it, film of tv series. Super awesome om hiermee bezig te kunnen zijn.

Maar af en toe krab ik me achter de oren: hoe kom je er bij om dit in te sturen, denk ik dan. Ik wil graag enkele soortgelijke constateringen met jullie delen. Wie weet heb je er op een dag iets aan. Je moet niet naar een producent toestappen als

1. Je niet precies weet bij wie je het indient. Af en toe krijgen we iets binnen dat kant nog wal raakt en waarvan we niet snappen waarom dat bij ons binnen komt. Nee, hier maken we geen zombie politie-horror films. Helaas. Zonde van de tijd om het in te sturen want we doen er niks mee. Misschien kun je er eerst een kortje van maken! Supervet filmpje, prijs winnen en, hupsakee, nog eens proberen?

2. Je filmscript niet gebaseerd is op een boek. Als ik zie welke projecten nu “ge-greenlight” worden, zie ik daar onevenredig veel boeken tussen. Zuur, maar wel waar.

3.  Je je niet beseft dat ik een luie lezer ben. Ik wil bij de hand genomen worden en zo, hups, de glijbaan die je script heet af kunnen glijen. Ik moet me nu af en toe door treatments heen worstelen waar bijvoorbeeld een veeeeeel te lange synopsis in zit of waar een uitleg ontbreekt over waar de film zich afspeelt. Of ik moet 150 hoofdstukken van drie regels per stuk lezen. Soms lees ik scripts die zo uitgebreid zijn in hun omschrijving van de handelstekst dat het bijna boeken zijn. Zonde

A specifieke sluglines, personages die alles uitspreken wat ze denken, waar de pagina een “black page” is- een grote brij handelingstekst zonder dialogen- waar geen aktestructuur in terug te vinden is, waar cliche zich op cliche stapelt, enzovoorts. Zonde.

Op drew’s script o rama kun je speelfilmscripts vinden ter vergelijking. Kijk bijvoorbeeld eens naar dit script, voor hoe het wel moet. Scherp en bondig, geen woord te veel. En wat een briljant mooie dialogen.

4. Een vuistregel voor een script is dat je het in 1 “lees-sessie” moet uitlezen. Test dat eerst eens uit. Geef het eens aan twee vrienden: eentje uit de filmwereld die vaker scripts leest en eentje aan je tante ofzo. Dan weet je of zij het gemakkelijk konden uitlezen of niet.

Ik had  vorige week een script waar ik 4 uur (!) bezig was met de eerste veertig pagina’s. Toen heb ik de moed opgegeven. Weg ermee. Gelukkig hoefde ik hem niet alsnog uit te lezen. Had ik weer in het vuilnis moeten zoeken. Van die scenaristen lees ik dus nooit meer iets.

5. Je ongeduldig bent. Het kan een paar weken duren voor je iets hoort. Niet meteen gaan bellen, gewoon even afwachten.

Leave A Comment