Schrijfervaringen halverwege 't manuscript (inc. 6 schrijftips)

Zelfmanifestatie. Zo noemde een vriend van me twitteren, facebooken, LinkedIn, bloggen. Dat is het ook. Maar dat is het niet alleen.

In een Pew internet survey las ik dat voor 28 % van de bloggers informatie opslaan in 2006 een voorname reden van het bloggen was. 52% vond het helemaal geen reden. Nou, ik hoor bij de eerste groep. Deze blogpost schrijf ik niet als zelfmanifestatie, maar om ter zijner tijd te kunnen teruglezen hoe ik er ook alweer in stond zo halverwege de eerste versie van mijn manuscript.

“Remember these days, once the book is out these days will never come back. The pressure will only increase. The hunger will increase. The uncertainty will increase. Are you up for that?”

“Is there a right answer to your question?”
“Realize that. Exactly that. it’s going to be doubts all along the way.”

Dat bedoel ik. Elizabeth Gilbert zei er bij TED ook al zoiets moois over:

Wat een geweldige talk weer.

Hypothetisch hè?

Stel je voor dat dit boek geen succes wordt. Dan heb ik in ieder geval genoten van de hele weg ernaartoe. Het is een enorme klus. Maar, net als met surfen: ik vind schrijven niet leuk ondanks de moeilijkheid, maar vanwege. Dit is een risicovolle onderneming.

En stel je voor dat het boek “Stikken in een Sitcom” wèl een succes wordt. Dan ga ik natuurlijk proberen dat succes te herhalen. Dan moet ik terughalen hoe ik er ook al weer tegen aan keek, een jaar of wat geleden, toen ik mijn “meesterlijke debuut” schreef. Dan kan ik hier teruglezen hoe ik mezelf probeerde op te laden, week na week, geld uitgaf als water maar er geen geld binnen kwam en me stiekem best vaak zorgen maakte over waar ik mee bezig was.

Vandaar enkele constateringen alvorens aan mijn schrijftips te beginnen:

Morgen bereik ik het punt dat ik op de helft van mijn woordenaantal zit. Dat waren er voor vandaag om precies te zijn: 33.146. Vandaag zijn er 2199 woorden gezellig bij komen staan. Dat zijn dus nu al 35.345 woorden, waarvan ik sommige, eerlijk is eerlijk, dubbel heb gebruikt.

Ik vond het schrijven zwaar afgelopen week. Ik heb zitten tobben. Nog steeds wel. Maar ja, ik zit dan ook in het midden. Middenstukken vinden veel mensen klote om te schrijven: je kunt niet meer zoals in het begin van je verhaal lekker vlot van alles neerleggen en je karakters gek optuigen. Maar je kunt ook nog niet zo lekker eindjes bij elkaar gaan knopen, zoals op het einde van je boek. 2e akte = moeilijk. Geloof je me niet? Kijk maar

Het is pittig om alle research, adviezen, ideeen, plotpuntjes, karakterdingetjes, woordgrapjes, verwijzingen en stijlideetjes erin te fietsen. Dat zal waarschijnlijk niet anders worden, future Sid.

Met enige reserve (ik ben nog nergens, ik weet het, ik weet het) geef ik graag zes tips. Dit zijn enkele van de dingen die me de afgelopen zeven maanden hebben geholpen:

Schrijftip #1: maak vaste, lange dagen, zie het als een kantoorbaan. In mijn geval van tien tot zes, met flinke pauzes tussendoor. Vijf dagen in de week. Ik schrijf niet ’s avonds, niet in het weekend. Dat geeft rust.

Schrijftip #2: hou je wordcount bij. Het is een prettige bevestiging en stimulans om zo nu en dan te kunnen zien hoever je bent.

Schrijftip #3: neem begeleiding. Het kost een paar centen, maar dan hoef je niet constant het wiel zelf uit te vinden. Dankzij de geweldige Anja Sicking schaam ik me na tien hoofdstukken om de kwaliteit van mijn eerste hoofdstuk dat ik, let wel, pas drie maanden terug schreef. Dat komt voor een groot gedeelte op haar conto. Ze is scherp, streng, rechtvaardig en weet me te stimuleren door te gaan.Kopen dus, haar boeken. Of les nemen bij de schrijversvakschool, waar ze les geeft.

Schrijftip #4: laat niets aan vrienden lezen. Goedbedoeld kunnen ze toch je schrijfproces verstoren. Ik heb nu bijvoorbeeld een kriebel bij het woord ‘Als’ omdat een vriend daar terloops eens iets over opmerkte. En ik hield van het woord als… Vraag hooguit vrienden van vrienden eens wat te lezen. Die mensen hebben nog geen vertroebelde blik omdat ze je niet kennen en dus nog niet lief vinden. Bedank ze na afloop hartelijk.

Schrijftip #5: Schrijf je plot eerst uit op kleine kaartjes. Waarom? 65.000 woorden ( dat is een gemiddelde roman) zijn er een hele hoop. Als je weet wat je plot is, waar wat moet gaan staan, zul je wellicht minder snel verzanden in zijpaadjes en leuke ingevingen. Durf echter ook ruimte te laten voor je personages. Ze kunnen je dan nog verrassen.

Schrijftip #6: Doe onderzoek, maar durf ook gaten te houden in je lopende tekst. Ik heb nu net in London een hoofdstuk af. Ik ga heus nog wel snel die kant op om indrukken op te doen en geen enorme fouten te maken. Maar voor nu ga ik eerst door. Ik denk dat ik toch nooit genoeg zou hebben. Zoals Anja Sicking zegt: doorgaan. Schrijf eerst maar die eerste versie af.

Oké, wie weet heb je er iets aan, future Sid. Wie weet heb je er iets aan, beste blogbezoeker. Never give up! Never surrender!

ps. Heb je zelf nog goeie tips: laat dan iets achter.

1 comment to Schrijfervaringen halverwege ‘t manuscript (inc. 6 schrijftips)

Leave a Reply

 

 

 

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>