Ik voel me een beetje als een methadonverslaafde die zelf het methadonbusje mag rijden: die verslaafde parkeert zijn busje natuurlijk ergens achteraf op een schimmig weggetje achter de A2 om zichzelf een weekend lang eens te trakteren op een drugsspuit-bender á la Fear & Loathing in Las Vegas. “Da’s logisch.” (spreek dit laatste uit met een Cruyffiaans [...]
Gisteren ben ik met een dominee naar de rechtbank gegaan. Nu kan ik dus een blogpost schrijven waar ik weken op heb gewacht.
De dominee/vader-van-een-goeie-vriendin was namelijk de laatste van drie lezers die zo vriendelijk was mijn manuscript te willen lezen. En zijn respons was niet mis, op het terras van de rechtbank. READ MORE…
“De espressokop ligt uitgespoeld op de rand van de gootsteen. Mijn moeder leunt tegen het aanrecht, vlak ernaast. Ze vindt een nieuw argument, iets anders dat ik fout heb gedaan. Ze beweegt haar vinger richting haar slaap. Tikt ertegen. Met mijn hand sla ik op tafel– zachtjes natuurlijk. Ze wijst met haar wijs- en ringvinger naar mij. Ergens tussen de opmerking ‘die dag gaat het niet om jou, snotjong’ en de vraag ‘wil Flip niet komen optreden’ sta ik op. Ik heb misschien iets tegen haar geschreeuwd en ben daarna redelijk boos de voordeur uitgestormd.”
de werkplek.
Zomaar een stukje uit mijn manuscript. Het is weer tijd voor een update over hoe het schrijven van mijn manuscript me vergaat.
Wat denken jullie: is het volgende verhaal leuk genoeg om op te sturen naar een literair tijdschrift? Het heet ”De bevalling” en is bizar, griezelig en natuurlijk nooit af.
Hier heb je het verhaal als beter leesbare PDF: “De bevalling” en hieronder als lopende tekst.
Inderdaad, DE EERSTE VERSIE IS AFGESCHREVEN!! Op een dag is dit manuscript een boek.
Werktitel: Stikken in een Sitcom (fragmentjes hier en hier en hier)
Mijn openingszin: “Ik heb ze toen maar de hand geschud.”
Mijn laatste zin: “Konden alle liedjes maar zo beginnen.”
.
Sjeesj, in alle twee de zinnen staat het woord ‘maar’. Daar moet ik nog even naar kijken.
.
Tussen die twee zinnen zitten in ieder geval nog zo’n 65.000 andere woorden. Sommige ervan dubbel. 192 pagina’s.
.
Prosecco van de buurman
U ziet hiernaast de eerste felicitatie, van meneer Verkleij.
(U ziet hier tevens het eerste moment van 2010 dat er weer samen op straat gedronken werd. Ook mooi. :- )
.
Die 65.000 woorden dus, heb ik tussen 1 december en gisteren geschreven, iets minder dan vier maanden. Als ik de tweede versie ga klaar zetten voor het herschrijven ga ik het definitieve aantal tellen. Dan weet u dat.
.
Het leek me een goed idee om een aantal constateringen op een rij te zetten. Net als in deze post, toen ik halverwege was. Gewoon, voor mezelf, gewoon voor jou, voor als je erover denkt een boek te gaan schrijven.
.
(Gewoon doen, trouwens. Zoals deze debuterende dame heel terecht opmerkt op haar blog: “Boek op de plank. Omdat Brood niet doet dromen” Emily, goedlachse Vlaamse dame, ik ga je boek kopen.
.
..
Enfin, komen ze, mijn constateringen aan het einde van de eerste versie:
Zelfmanifestatie. Zo noemde een vriend van me twitteren, facebooken, LinkedIn, bloggen. Dat is het ook. Maar dat is het niet alleen.
In een Pew internet survey las ik dat voor 28 % van de bloggersinformatie opslaan in 2006 een voorname reden van het bloggen was. 52% vond het helemaal geen reden. Nou, ik hoor bij de eerste groep. Deze blogpost schrijf ik niet als zelfmanifestatie, maar om ter zijner tijd te kunnen teruglezen hoe ik er ook alweer in stond zo halverwege de eerste versie van mijn manuscript.
“Remember these days, once the book is out these days will never come back. The pressure will only increase. The hunger will increase. The uncertainty will increase. Are you up for that?”
“Is there a right answer to your question?”
“Realize that. Exactly that. it’s going to be doubts all along the way.”
(for Allison Cohn, in her cubicle)
As everything, work in progress: Breadcrumbs PDF
Breadcrumbs.
by
Sidney Vollmer.
It were the crusts of the bread that were the first telltale something was wrong in the village. Though the baker had used the same flour, the same salt, the same butter for decades, the loafs were singed. Blackened. The baker had not seen that happen since he was a little kid and his mother let him bake his first raspberry pie: putting the oven on too high a temperature had not only destroyed the pie, it had sedated his ambition to bake bread until his adolescence. Eventually though, he repainted his father’s bakery shop and baked breads, pastries, cakes and pies. He’s been doing so well over three decades now. All was fine. And now this happened.
Eerdere titel: “Voor de lieve vrede’. geschrapt. Te pompeus, te generiek en weinig specifiek. Nieuw titelidee: TomTom en de Fakkels – gaan op avontuur! Ander titelidee: Stikken in een sitcom.
Ben nu op het einde van hoofdstuk vier, waarin de band voor het eerst in de repetitieruimte blowt. Dit is ongeveer wat het nu is:
‘Hoezo daten. Wat nou ‘daten’,’ zeg ik. ‘Met wie dan?’ Ik kijk Roel aan, Willem aan, één voor één kijken ze weg. ‘Hallo?’ Iemand!?’
‘Ik zag je moeder met een man in De Hoek zitten.’
‘De Hoek? Daar gooien ze pindaschillen op de vloer.’ READ MORE…
Dit weekend vrijwilliger geweest op een IJslands muziek festival in Rotterdam. Veel lol gehad, veel geleerd over muzikanten en over slippen met een handrem.
En ik schrijf weer dapper verder, ben vandaag aan het derde hoofdstuk begonnen.
Het gaat voor geen meter.
Ik vind het ongeinspireerd, traag, stom. Maar dat heeft dan misschien ook weer een en ander met mijn stemming te maken, niets menselijks is ons vrrrreemd.
Hoe ongeinspireerd en traag schrijf je dan nu, vraag je? Wat dacht je van zoiets:
Hoofdstuk -13
Waarin Toms band de eerste single lanceert
We hebben de gear net uitgeladen, hangen in zitzakken op de Lust at Sea, een decadente mini Love Boat afgemeerd in de St. Jobshaven van Rotterdam en wachten tot we kunnen soundchecken.
“Willen de Fakkels iets tegen de zenuwen?”
Ze draagt een net-niet-te-kort-rokje, een lichtgeel truitje- strak natuurlijk- en draagt haar haar in een quasi-nonchi paardenstaart. Ik ken haar ergens van, maar hoe kent ze ons? Weet ze dat ik de zanger ben? Als ik net een fractie te lang wacht met antwoorden, schieten haar ogen al naar de rest van de band.
Hoofdstuk -13
Waarin Toms band de eerste single lanceert
Charlie Watts, de drummer van de Rolling Stones zegt dat hij van de veertig jaar dat hij bij de Stones speelt vijfendertig jaar moest wachten. TomTom & de Fakkels bestaan nu bijna drie-en-twintig maanden.
Wachten doen we niet. We repeteren, ik ga naar muziekfestivals, mail, bel, probeer optredens te regelen, Flip stuurt promo’s rond en Willem geeft onze demo’s aan liefhebbers in de Plato. We doen mee aan iedere competitie die we kunnen vinden.
Ik weet niet hoe getalenteerd we zijn. Maar ik weet wel dat READ MORE…
7. Edit. Delete unimportant things. Even if you love them. If it isn’t spectacular, it gets cut. Kill your darlings. Be a cold-blooded killer. Ruthless. Delete. Refine. Improve.
Zie hier nummer zeven in een lijstje met tien tips om efficienter te werken, wat ik dan weer toepas op efficient creatiever worden. Hieronder de tips, gekopieerd van deze website, gevonden via deze twitteraar en geschreven door Frank Chimero.
“Weet je wat ook zo pijnlijk is? En mooi tegelijk? Iedereen doet zo zijn best. Iedereen blijft maar vechten, uit bed komen ’s ochtends, mooie schoenen aandoen. Iedereen blijft voor de spiegel zijn of haar lelijke plekjes verdoezelen. Iedereen blijft vol goede moed de deur uitgaan en net doen alsof het allemaal niet uitmaakt, die [...]
Als zestienjarige liep ik eens door de tuinen van Pisa, vlak bij die toren daar. Ik zag een meisje waar ik op slag verliefd op werd. Ze droeg een limoengroene jurk en keek naar mij op net zo’n speelse, half verlegen manier als ik naar haar. Onze glimlachen kusten elkaar over de keurig getrimde grasvelden heen.